Maak van je goede voornemen een goede waarneming
Het is weer die tijd van het jaar. Of dat nou januari is, september, of gewoon een maandagochtend waarop je denkt:
zo wil ik het eigenlijk niet meer. Goede voornemens dienen zich aan als oplossingen. Strak, ambitieus en meestal ook meedogenloos.
Ik ga mijn grenzen beter bewaken.Ik ga minder pleasen.Ik ga assertiever zijn.

Allemaal prima intenties. En toch gaan goede voornemens opvallend vaak mis. Niet omdat je zwak bent, of geen discipline hebt, maar omdat de lat te hoog ligt en de instructie te vaag is. Want laten we eerlijk zijn: wat betekent dat concreet, morgen om 10.00 uur, als je collega tóch weer een spoedklus op je bord legt terwijl je agenda al uitpuilt?
Daar begint het meestal te wringen..
Waarom goede voornemens zo vaak stranden
Goede voornemens mislukken zelden door een gebrek aan wilskracht. Ze mislukken omdat ze geformuleerd zijn als een oordeel over wie je zou moeten zijn, in plaats van een nieuwsgierigheid naar hoe je nu functioneert.
“Ik ga mijn grenzen beter bewaken” klinkt krachtig, maar bevat geen enkel handelingsperspectief. Er staat niet wanneer, niet hoe, en al helemaal niet wat je gaat doen als het spannend wordt. En precies dát moment – het spannende moment – is waar oude patronen het overnemen.
Een van mijn trainee zei pas: “Mijn goede voornemen is om nooit meer ja te zeggen terwijl ik nee bedoel.” Mooi streven. Helder ook. Vier weken later zat hij weer tegenover me. Schouders wat hoger, stem wat fletser. “Ik zei weer ja.”
Hij keek me aan alsof hij had gefaald.
Mijn antwoord was simpel: “Nee hoor, je zei geen volmondig ja. Je deed wat je altijd doet.”
Dat was even slikken. Maar ook bevrijdend. Want dit gaat niet over falen. Dit gaat over automatisme.
Stop met jezelf verbeteren
We zijn verslaafd geraakt aan het idee dat verandering begint met jezelf verbeteren. Harder je best doen. Strenger zijn. Meer discipline. Maar in mijn ervaring werkt het precies andersom.
Vooruitgang begint niet met jezelf verbeteren, maar met jezelf begrijpen.
Met zien wat er daadwerkelijk gebeurt op het moment dat het spannend wordt. Wat je denkt. Wat je voelt. Wat je lijf doet. Welke verhalen er door je hoofd schieten. "Als ik nu nee zeg, vinden ze me lastig. Dit hoort er gewoon bij. Ik moet dit kunnen."
Zolang je dat niet ziet, kun je je voornemen nog zo vaak herhalen, maar dan ben je aan het duwen tegen een automatische piloot die al jaren meedraait.
Maak van je goede voornemen een goede waarneming
Hier zit voor mij het sterkste punt. En misschien wel de grootste opluchting.
Maak van je goede voornemen geen morele opdracht, maar een onderzoek.
Niet: “Ik ga assertiever zijn.”
Maar: “Ik ga de komende maand bijhouden wanneer ik ja zeg terwijl ik twijfel.”
Dat is alles.
Geen oordeel. Geen correctie. Geen verbeteractie. Alleen waarnemen.
Noteer het moment. Wat werd er gevraagd? Door wie? Wat voelde je? Waar twijfelde je? Wat zei je uiteindelijk? En wat gebeurde er daarna?
Het klinkt bijna te simpel. En precies daarom werkt het.
Want wat je helder ziet, hoef je niet meer te forceren.
Wat waarnemen je oplevert
Zodra mensen dit doen, gebeuren er interessante dingen. Niet omdat ze ineens anders gaan doen, maar omdat hun bewustzijn verschuift.
Ze zien patronen.
Dat ze vooral ja zeggen tegen bepaalde mensen. Of op bepaalde momenten van de dag. Of wanneer er druk wordt gezet. Of wanneer hun eigen behoefte vaag blijft.
En vaak hoor ik dan zinnen als: “Ik wist niet dat ik dit zó automatisch deed.”
Dat inzicht alleen al creëert ruimte. Ruimte om in het moment een fractie langer stil te staan. Ruimte om een andere vraag te stellen. Ruimte om soms – heel voorzichtig – iets anders te proberen.
Niet omdat het moet. Maar omdat het logisch voelt.
Kleine verschuivingen, groot effect
Verandering zit zelden in grote, heroïsche momenten. Het zit in kleine verschuivingen.
- In één keer zeggen: “Ik kom hier later vandaag op terug.”
- In even ademhalen voordat je antwoord geeft.
- In een vraag stellen in plaats van meteen instemmen.
Maar die verschuivingen ontstaan alleen als je eerst hebt gezien wat je normaal doet. Zonder schaamte. Zonder zelfkritiek.
Wie zichzelf voortdurend corrigeert, leert niets. Wie zichzelf observeert, leert alles.
En als je tóch weer ja zegt?
Geen probleem. Je registreert het gewoon en bedenkt dat je altijd weer opnieuw kunt beginnen. En dat is een fundamenteel ander uitgangspunt.
De meeste mensen zijn veel te snel ongeduldig met zichzelf. Ze willen resultaat, geen inzicht. Maar inzicht is resultaat. Alleen niet in de vorm die we gewend zijn.
Tot slot
Als je dit jaar – of deze maand, of deze week – één goed voornemen wilt maken, laat het dan deze zijn:
Ik ga mezelf beter waarnemen op de momenten dat het spannend wordt.
Niet om jezelf te verbeteren. Niet om jezelf te fixen. Maar om jezelf serieus te nemen.
Want echte verandering begint niet bij harder je best doen, maar bij eerlijk kijken. En dat is misschien wel het meest realistische, haalbare en vriendelijke voornemen dat je kunt maken.











